Submenu:
Nieuws-items bij homepage Europe4ME
Submenu:
27 lidstaten, 23 officiële talen en slechts 1 wetgevingspakket - hoe kan de EU garanderen dat de wetgeving in de hele EU hetzelfde betekent? Drie jurist-linguïsten van het Europees Parlement spraken met ons over de uitdagingen en moeilijkheden van hun baan.
"Wij zijn verantwoordelijk voor zowel de kwaliteit van de EU-wetgeving in de 23 officiële talen als de juridische en taalkundige samenhang tussen de taalversies. Het is erg belangrijk dat de EU-wetgeving goed opgesteld en coherent is. Op die manier is ze bevattelijk voor burgers en bedrijven en kan ze correct door de lidstaten worden geïmplementeerd", legt Hugo uit.
Jurist-linguïsten en vertalers = appelen en peren
Jurist-linguïsten zijn geen vertalers. "We zijn veel meer dan enkel een linguïstische dienst", zegt Viorel. "Het is onze hoofdtaak bij het opstellen van een tekst intern en op aanvraag hulp te bieden in de originele taal van die tekst. Enkel op de tweede plaats, niet minder belangrijk maar wel in mindere mate, controleren we vertalingen."
Enerzijds werkt elke jurist-linguïst in een thematische groep. Deze groepen zijn verbonden aan een of twee commissies en bieden hulp bij het opstellen van wetteksten, meestal in het Engels. Anderzijds werkt de jurist-linguïst ook in een 'moedertaalgroep' die bestaat uit 2 of 3 leden. In deze groep worden vertalingen van ontwerpteksten gecontroleerd.
Jurist-linguïsten werken niet de hele tijd achter hun computers, ze zijn ook aanwezig bij onderhandelingen. "Tijdens onderhandelingen kunnen we tussenbeide komen en zeggen dat iets niet mogelijk is of op een andere manier moet worden geformuleerd. Het is niet onze bedoeling politici te vertellen wat ze moeten doen, maar als het ons wordt gevraagd, kunnen we hen advies geven", zegt Hana. "We kunnen ons werk enkel goed doen als we weten wat er op het spel staat, wat de politieke uitdagingen en gevoeligheden zijn", voegt Viorel er nog aan toe.
Juristen met taalgevoel
Om als jurist-linguïst bij het Europees Parlement te werken, moet je eerst slagen voor een examen waarin je juridische bekwaamheid en talenkennis worden getest. "Je moet beschikken over een rechtendiploma of een gelijkwaardig diploma en naast je moedertaal minstens twee andere talen spreken", verduidelijkt Hugo. "Een jurist-linguïst moet een goed taalgevoel hebben. Wanneer we de wetgeving opstellen, proberen we ons in te beelden hoe de tekst in andere talen zal worden vertaald. Op die manier hopen we vage en onduidelijke formuleringen te vermijden", voegt Hana eraan toe.
Ze zijn het er allen over eens dat het een uitdaging vormt het 'EU-jargon' te vermijden. "Ik probeer altijd anglicismen te omzeilen als er een Tsjechisch equivalent bestaat", merkt Hana op. "We trachten een zo puur en zuiver mogelijke taal te hanteren", bevestigt Viorel. Ze putten bijvoorbeeld inspiratie uit klassieke literatuur maar houden ook in de gaten hoe hun taal evolueert. "Je moet ervoor zorgen dat de specifieke EU-woordenschat correct en zinvol wordt gebruikt", merkt Hugo op.
"Nu we meer worden betrokken bij het beginstadium van de formulering van de wetgeving, wordt ons werk interessanter", stelt Hana vast. "Onze ervaring evenals onze analytische en diplomatieke vaardigheden kunnen bijdragen tot de definitieve tekst", voegt Viorel eraan toe. "We houden van de uitdaging om elke tekst correct te schrijven en genieten van de voldoening als dit is gelukt."
Hana is Tsjechische, Hugo is Brit en Viorel Roemeen.
REF. : 20120713STO48884
Meer over...
